Hele makreel van de grill met citroen en tijm
Makreel is een vette vis en daardoor vergevingsgezind op de grill: het vet houdt hem sappig en geeft je wat marge als je er een halve minuut naast zit. De huid wordt knapperig en de citroen en tijm in de buikholte stomen de vis van binnenuit. Let vooral op een schone, hete rooster en verplaats de vis pas als de huid vanzelf loslaat.
Ingezonden door karst
Ingrediënten
Vink af wat al klaarstaat.
Bereiding
- 1
Vis droogdeppen
Spoel de makrelen kort af en dep ze binnen en buiten grondig droog met keukenpapier. Een droge huid is het verschil tussen knapperig en plakkerig.
- 2
Insnijden
Snijd aan beide kanten drie diagonale sneetjes tot net op de graat. Daardoor gaart de dikke rugpartij even snel als de dunne buik.
- 3
Vullen
Wrijf de buikholte in met wat zout en vul hem met plakjes citroen, de knoflook en een paar takjes tijm. Duw er niet te veel in, anders klapt de vis open op de grill.
- 4
Oliën en zouten
Smeer de huid dun in met olijfolie en bestrooi hem met grof zeezout en peper. Doe dit vlak voor het grillen, zodat het zout geen vocht naar buiten trekt.
- 5
Barbecue opstoken
Bouw een direct vuur en breng de barbecue op ongeveer 220 °C. Maak het rooster goed schoon en wrijf het in met een doekje olie.
- 6
Eerste kant
Leg de makrelen met de staarten dezelfde kant op boven de kolen en laat ze 5 tot 7 minuten liggen. Niet porren: als de huid gekaramelliseerd is, laat hij vanzelf los.
- 7
Omdraaien
Draai de vissen voorzichtig om met twee spatels of gebruik een vismand, en gril ze nog 4 tot 6 minuten. Werk je met een vismand, dan kun je in een keer alle vier omdraaien.
- 8
Gaarheid controleren
Meet in het dikste deel achter de kop: bij 62 °C is de vis gaar. Het vlees laat dan makkelijk van de graat en is net niet meer glazig.
- 9
Rusten en serveren
Laat de makrelen een paar minuten rusten op een warme schaal. Serveer met de citroenparten, de rauwe rode ui en een scheut olijfolie.
Tips
Koop makreel zo vers mogelijk; de vis bederft sneller dan magere soorten. Heldere ogen en stevig vlees zijn het beste teken.
Geen vismand? Leg de vis dan op een rooster dat je eerst 5 minuten boven de kolen laat doorgloeien en daarna inolieert.
Restjes koude gegrilde makreel zijn de volgende dag uitstekend door een salade of op geroosterd brood met mierikswortel.