Yakitori negima met zelfgemaakte tare
Japanse spiesjes van kippendij en bosui, telkens opnieuw gelakt met een ingekookte tare van sake, mirin en soja.
Kip is lastiger dan het lijkt: de borst is bij 74 graden gaar terwijl de dij pas bij 80 lekker wordt, en de huid vraagt hitte die het vlees juist niet verdraagt.
Indirect garen en op het eind kort direct afmaken lost dat op. Pekelen helpt ook, en droog je de huid van tevoren, dan wordt hij pas echt knapperig.
18 recepten
Japanse spiesjes van kippendij en bosui, telkens opnieuw gelakt met een ingekookte tare van sake, mirin en soja.
Kipdij in een marinade van yoghurt, knoflook en piment, kort en heet gegrild tot de randen karamelliseren.
Kippenbouten een nacht in pittige jerk-marinade, daarna langzaam gerookt met piment en op het eind kort afgegrild.
Zoet-rokerige rub voor kip met gerookt paprikapoeder, bruine suiker en een randje cayenne.
Indische basismarinade van ketjap manis, knoflook en limoen voor kip, varkensvlees en spiesen.
Pekel van 60 gram zout per liter met laurier, knoflook en citroen, voor kip die sappig van de barbecue komt.
Kippendijen eerst laag en langzaam gerookt, daarna kort gefrituurd voor een krokant korstje en rookaroma.
Kippendijen met bot die je zo lang rookt dat je ze uit elkaar trekt in plaats van snijdt.
Kippenvleugels die dankzij bakpoeder en een drogende nacht in de koelkast echt krokant worden.
Gestapelde kippendijen met yoghurtmarinade aan het draaispit, dun afgesneden voor volle pitabroodjes.
Vergevingsgezinde kippendijen met citroen, knoflook en oregano: eerst indirect gaar, dan kort knapperig.
Halve kippen een nacht in een pittige piri piri-marinade, indirect gegaard en op het eind hard afgegrild.
Platgedrukte hele kip die gelijkmatig gaart en afgelakt wordt met een pittige honing-chilimarinade.
Kippenbouten eerst rustig gerookt, daarna heet afgelakt met een plakkerige glaze van gochujang en honing.
Hele kip rechtop boven een blikje bier, indirect gegaard tot de huid strak en goudbruin is.
Ruggengraat eruit en de kip plat op het rooster: zo gaart borst- en dijvlees ongeveer even snel, in ruim een uur op 190 graden. Meet in de dij, niet in de borst — de dij is als laatste klaar.
Kleine stukken kippendij aan spiesjes, direct boven de kolen, en pas in de laatste minuten gelakt met tare. Eerder lakken betekent verbrande suiker; later betekent geen glans.
Het snelle broertje van pulled pork: in ruim drie uur klaar, en dijvlees droogt niet uit zoals filet dat doet. Boven 90 graden kern valt het bindweefsel uiteen en trek je de dijen met twee vorken uit elkaar.