Jalapeño-cheddar cornbread uit de gietijzeren pan
Zacht maïsbrood met cheddar en jalapeño, gebakken in een hete gietijzeren pan voor een knapperige bodem.
Indirect grillen betekent dat het vuur naast het vlees ligt en niet eronder. De barbecue wordt een oven: de hitte cirkelt rond het gerecht in plaats van erop te branden. Alles wat dikker is dan een hamburger heeft die omweg nodig, anders is de buitenkant zwart voordat de kern warm is.
Deze recepten draaien op 130 tot 230 graden met de deksel dicht. Reken op een kwartier tot een paar uur, en stuur op kerntemperatuur — niet op de klok.
44 recepten
Zacht maïsbrood met cheddar en jalapeño, gebakken in een hete gietijzeren pan voor een knapperige bodem.
Waaiervormig ingesneden aardappels die zacht garen van binnen en knapperig uitwaaieren aan de randen.
Hele bollen knoflook zacht gepoft op de barbecue, om als smeersel op geroosterd brood te eten.
Een complete bloemkool langzaam geroosterd tot botermals, met een dikke laag kruidenboter en Parmezaan.
Zoete puntpaprika's gevuld met feta, walnoot en tijm, indirect gegaard tot de vulling zacht is.
Grote paddenstoelen gevuld met knoflookspinazie en geitenkaas, indirect gegaard tot de kaas goudbruin kleurt.
Zalmfilet die rustig gaart op een smeulende cederplank en onderweg een zachte rooksmaak oppikt.
Gestapelde kippendijen met yoghurtmarinade aan het draaispit, dun afgesneden voor volle pitabroodjes.
Droog gepekelde kalkoen van vijf kilo, indirect gegaard met appelhout tot de borst precies op 74 °C staat.
Hele kip rechtop boven een blikje bier, indirect gegaard tot de huid strak en goudbruin is.
Mager haasje verpakt in een gevlochten jasje van ontbijtspek, geglazuurd met bbq-saus.
Dikke plakken procureur, laag en langzaam gegaard tot smeltend zacht en afgelakt met een zoetzure glaze.
Een heel middenstuk ossenhaas met mosterd-peperkorst, indirect gegaard op een smeulende eikenplank.
Warme appels met kaneel onder een krokante kruimeldeken, gebakken op indirecte hitte in gietijzer.
Een hele kool, eerst gestoomd in folie en daarna kaal op het rooster tot hij donkerbruin is. Twee uur op 160 graden en je snijdt hem als een braadstuk. Het beste argument dat groente op de barbecue geen bijzaak is.
Rustiek desembrood met open kruim en donkere korst, gebakken in een voorverwarmde Dutch oven.
Hele zeebaars onder een korst van zout en eiwit, zodat de vis in zijn eigen vocht gaart en niet uitdroogt.
Ruggengraat eruit en de kip plat op het rooster: zo gaart borst- en dijvlees ongeveer even snel, in ruim een uur op 190 graden. Meet in de dij, niet in de borst — de dij is als laatste klaar.
Een halve zalmfilet op een geweekte cederplank, indirect op 130 graden. De plank geeft geur af en houdt de vis van de directe hitte, waardoor hij niet uitdroogt.
Een uur in de rook op 120 graden, en je hebt borrelnoten die je in geen winkel koopt. Kost bijna niets en je maakt ze terwijl er toch al iets anders op de kamado ligt.